In Memoriam Roland Lebuf

In Memoriam Roland Lebuf

In Memoriam Roland Lebuf (1937-2026)

Laatste Vlaamse boksjournalist


Hij is er niet meer. Op 21 januari nam sportjournalist Roland Lebuf op 88-jarige leeftijd afscheid van deze wereld. Zijn verdiensten voor de Gentse, Vlaamse en Belgische bokssport vallen moeilijk te overschatten.


Kranten

Geboren (op 26 juli 1937) en getogen Gentenaar, opgegroeid aan de Muide, in de buurt van het Tolhuis. Eerst was er het voetbal. Hij speelde zelf voetbal bij Standaard Gent en zijn vader Nist was supporter van Racing Gent. Maar op zijn twaalfde nam zijn vader hem mee naar een wedstrijd van Gantoise in het Ottenstadion. Een cadeau voor zijn plechtige communie. Daar op de staanplaatsen onder de horloge werd Roland zonder het toen goed te beseffen Buffalo voor het leven. Het waren de tijden van doelman Mance Seghers en aanvaller Freddy Chaves, van Roste Willems en Léon Trouet Mokuna. Roland was erbij toen Gantoise in 1964 zijn eerste Beker van België won. 4-2 na verlengingen tegen Diest. Eric Lambert, de broer van Raoul, scoorde een hattrick. En hij was er nog steeds bij toen KAA Gent in 2015 onder leiding van Hein Vanhaezebrouck zijn eerste en tot nu toe enige landstitel pakte. De kampioenenviering met een historische boottocht van de spelers en de staf op de Leie door de Gentse binnenstad, toegejuicht door meer dan 100.000 supporters langs de kant, vond Roland het onvergetelijk hoogtepunt uit zijn lange carrière.

Een carrière die hij na zijn legerdienst gestart was als linotypist bij de krant La Flandre Libérale. Letterzetter. Een jaar later verhuisde hij naar dagblad Vooruit. Een krant die beter paste bij zijn politieke overtuiging, want van thuis uit was hij ne rooie, een socialist. Dat is hij levenslang gebleven. Ieder jaar stapte hij mee op in de 1-meistoet in de Arteveldestad. Rood was troef en bleef troef.

Bij Vooruit typte hij onder meer de handgeschreven cursiefjes van auteur Louis-Paul Boon over. Roland was de enige die het krullende handschrift van Boon vlot kon lezen. Eens overgetikt werden de papiertjes waarop Boon zijn Boontjes schreef in de prullenmand gegooid. “Zonde”, besefte Roland vele jaren later. “Ik had ze moeten bijhouden. Ze zouden nu veel waard geweest zijn.”
Naast zijn werk bij de krant begon hij wedstrijdverslagjes van voetbalploegen uit de provinciale reeksen te schrijven. En zo kwam het dat hij in 1972, toen er een plaats vrij kwam, gevraagd werd of hij geen zin had om op de sportredactie te komen werken. Eerst als corrector en dan uiteindelijk als sportjournalist.  In 1973 sloot hij aan bij toenmalige Belgische Beroepsbond van Sportjournalisten als niet-professioneel medewerker, drie jaar later werd hij erkend als beroepsjournalist.

Naast het voetbal begon hij toen ook het boksen te volgen. De Belgische bokssport leefde net weer op na de donkere jaren zestig met Jean-Pierre Coopman in Izegem, Fernand Roelands in Brugge en Freddy De Kerpel en Rudi Haeck in Zele. Jef Van Driessche, toen trainer van BC Zele, nodigde Roland uit op een van zijn maandelijkse meetings en Roland was meteen verkocht.

Voor de socialistische dagbladen waren het niet zo een voorspoedige tijden. In 1978 fusioneerden de Gentse Vooruit en de Antwerpse Volksgazet tot De Morgen. Roland bleef er werken tot hij in 1984 overstapte naar Het Nieuwsblad/De Gentenaar. Daar was hij voetbalredacteur. Boksen, dat zat bij Het Nieuwsblad hoofdzakelijk in de deskundige handen van Louis Ceulemans, eind jaren ’40 zelf een topamateur geweest.





Niet op rust



In 2002 ging Roland met pensioen maar niet op rust. Hij werd perssyndicus van AA Gent, de club van zijn hart. Eindelijk kon hij openlijk bekennen dat hij altijd een fiere Buffalo was geweest. Als sportjournalist had hij honderden, misschien wel  duizenden artikels over AA Gent geschreven. In eer en geweten. Kritisch als het moest, met enthousiasme als het kon. De dualiteit tussen supporter en journalist kon hij wel meester. Altijd en overal droeg hij de journalistieke waarden hoog in het vaandel. Hoera en hoempapa waren niet aan hem besteed. Sportjournalistiek was een ernstige zaak, niet louter  amusement. Die ingesteldheid probeerde hij ook door te geven aan de jongere generaties.

Met zo een beroepseer en -ernst was het dan ook niet verwonderlijk dat hij actief bestuurslid van de Vlaamse Bond voor Sportjournalisten en -fotografen was. Geestelijke vader van de Vlaamse Reus ook, de prijs die voor het eerst werd uitgereikt in 1992. Winnaar was toen tennisspeelster Sabine Appelmans. Begin dit jaar mocht langeafstandsloper Isaac Kimeli de trofee in ontvangst nemen als bekroning voor zijn prestaties in 2025 én zijn impact buiten de sport. In 2014 won Delfine Persoon de Vlaamse Reus.

Roland bleef ook na zijn pensionering schrijven over het voetbal. Geen wedstrijdverslagen meer, meer randstukken over zijn geliefde club. In 2009 kwam daar terug het boksen bij. Want als Gantoise de club van zijn hart was, dan was boksen de sport van zijn hart. Hij was niet gestopt met af en toe eens een boksstukje te plegen, maar vanaf dan gooide hij weer zijn volle journalistieke gewicht in de ring. Directe aanleiding voor zijn terugkeer was het Gents Boksgala, dat toen nog maar aan zijn derde ronde toe was. Hoofdkamp was de rematch tussen Jurgen Haeck en Kobe Vandekerkhove om de Belgische titel in het weltergewicht. Op de undercard stond behalve Tony Ingelrest de welhaast onvermijdelijke Ismaïl Cool Abdoul, maar ook al Junior Bauwens en Sasha Yengoyan, de boksers die het Gents Boksgala groot zouden maken. Roland trad ook daar als persverantwoordelijke op. Streng maar rechtvaardig. Wie geen stuk te maken en bijgevolg aan ringboord niets te zoeken had, werd onverbiddelijk verbannen naar de nok van de toen nog overvolle Topsporthal.

En had hijzelf niet geschreven, dan waren de wapenfeiten van de meeste boksers nauwelijks  bewaard gebleven. Want schrijven was één zaak, Roland vocht ook met inzicht, invloed en bijgevolg succes voor ruimte in de krant voor de Belgische bokssport en dat zowel op papier als online. Boksers en hun entourage waren hem daar dankbaar voor. Eindelijk terug iemand die hen niet stiefmoederlijk behandelde en verbande naar enkele lijntjes in de marge of gewoon onvermeld liet. Roland van zijn kant was niet ongevoelig voor hun warme waardering. Heel wat anders dan in het voetbal waar de afstand tussen speler en journalist door de alsmaar toenemende macht van geld en managers te groot en de relaties kil en koel waren geworden.

Roland beperkte zich niet tot Gent en zijn gala. Samen met zijn trouwe vriend en compagnon de route Richard Demeyer volgde hij boksers niet alleen met pen en papier, maar ook met camera en micro doorheen het land en tot ver erbuiten. Ze volgden op de voet de carrières van Junior Bauwens, Sasha Yengoyan, Bilal Laggoune Yves Ngabu, Femke Hermans, Meriton Karaxha, Amy Naert, Lee Ingelrest, Oshin Derieuw, Victor Schelstraete en nog vele anderen.



En natuurlijk was er Delfine Persoon. Roland zag haar eerste profkamp en is haar altijd blijven volgen. Hij stak zijn bewondering voor haar niet onder stoelen of banken:

“Ze is buiten categorie. Niemand kan haar verbeteren of zelfs maar evenaren. Onmogelijk. Weinig mensen beseffen wat Delfine allemaal gerealiseerd heeft. Wereldkampioene en daarnaast nog werken, een club uitbouwen en een zaal neerzetten. Zelfs bij meetings helpt ze mee de stoelen zetten en weer opruimen. Respect daarvoor.”


Afbouw en afscheid



Op 5 maart 2023 was hij voor het laatste keer perssyndicus bij AA Gent. Gent won die avond met 1-0 van Anderlecht. In de zomer van hetzelfde jaar kondigde hij aan dat hij ook zijn pugilistieke activiteiten ging terugschroeven om meer tijd te hebben voor zijn familie en vrienden. Maar echt stoppen kon hij niet. Het was er de tijd niet voor. Oshin Derieuw, Vasile Usturoi en Victor Schelstraete plaatsten zich voor de Olympische Spelen van Parijs 2024 en Roland ging met ze mee. En natuurlijk was er nog altijd Delfine Persoon. Op 27 september 2024 kreeg ze in Atlanta eindelijk nog eens de kans om voor wereldtitels te boksen, die in het superpluim, maar haar kamp tegen kampioene Alycia Baumgardner eindigde op een no contest, dus moest er een rematch komen.
Roland berichtte er als eerste over. Op 22 januari 2026 zou Delfine Persoon in Grand Rapids, Michigan om de inmiddels vacante WBC-wereldtitel in het superpluim boksen tegen de Frans-Canadese Caroline Veyre.

Het was Rolands allerlaatste bericht. Het gevecht werd nog verschoven naar 10 februari.
Of het uitstel er iets mee te maken had, weten we niet, maar Roland wachtte in elk geval de afloop van de kamp niet meer af. Hij zag op 18 januari thuis voor de buis AA Gent nog met 4-2 winnen van Anderlecht. Op 21 januari nam hij voor altijd afscheid van deze wereld. Hier zijn laatste woorden:

“Ik stap de absolute eeuwige duisternis
in, waar miljarden stervelingen me zijn
voorgegaan maar ik ben daar niet bang voor.
Als simpele sterveling heb ik een geweldig
rijk, gevuld, goed en gelukkig leven gehad
en ben met mezelf in het reine.
Dus treur niet, denk af en toe eens aan mij
en praat even over mij.
Tot niemand me nog kent.”

Zullen we zeker doen, Roland, tot we er zelf niet meer zijn.

De Vlaamse Boksliga wenst de familie en vrienden van Roland veel sterkte toe in deze moeilijke tijd.