Galveston giants

06.04.2019 – Belgische Kampioenschappen te Gent

Galveston Giants

 

De Galveston aan de Hurstweg in Gent. De textielfabriek van weleer, genoemd naar de Texaanse havenstad van waaruit meer dan een eeuw geleden katoen naar Europa werd verscheept. Uit die stad kwam Jack Johnson, de allereerste zwarte wereldkampioen zwaargewicht. The Galveston Giant. En laat nu net op de tweede verdieping van dit gebouw Golden Gloves Gent een onderkomen gevonden hebben. Toeval bestaat niet.

 

Jeugd

 

Een week nadat de nieuwelingencompetitie zijn ontknoping had gekend in het afgelegen Waals-Brabantse Sart-Dames-Avelines, stonden in de Galveston de BK-finales voor elite-boksers geprogrammeerd.  Bij die elite hadden de jeugdige lichtgewichten echter zo een haast dat ze hun pleit al in Sart beslecht hadden: Samuel Generet van BT Bellini haalde het op punten van Gevork Minasyan van een ander BT, dat van Houtland.

 

De overige gewichtsklassen hadden rustig gewacht tot Gent. Een plechtig begin met de Belgische driekleur, de onvermijdelijke Brabançonne en een drietalige toespraak van Willy Bosch, voorzitter van de Koninklijke Belgische Boksbond. Willy had bij hem thuis in Eupen serieus zitten turven en wist te vertellen dat het honderd jaar geleden was dat er voor het eerst Belgische kampioenschappen voor amateurs georganiseerd werden. De wereld zag er toen nog een stuk eenvoudiger uit, maar was daarom niet beter. Jeugdcategorieën bestonden niet, dames en juffrouwen mochten niet. Alleen mannen waren toegelaten en dat was je in die tijd al op je zestiende.

 

Nu ben je dan nog maar een junior, zoals bantam Killian Dufrenne (-54kg, BC Garcia). Die haalde het van Carlos Vanholst (BA Kuregem), nog nieuweling en boksend buiten competitie. Een mens verliest bij de indeling soms het noorden, maar daarvoor zijn er bij de verschillende liga’s mensen als Willy Degroof om alles en iedereen in de juiste vakjes onder te brengen. In sommige van die vakjes was er helaas geen volk genoeg om een BK-finale te betwisten en boksers en boksters die eerder al kampioen in hun Liga geworden waren, kregen terecht de titel zonder verdere slag of stoot.

 

 

 

 

Voor Telman Kurzudian, Mechelaar met Armeense roots en boksend bij de jeugd/youth, want nog maar net zeventien, was in het middengewicht (-75kg) weliswaar buiten competitie toch een tegenstander gevonden: Damonn-Rivers Firimoni, de man met de mooiste naam van heel het tornooi. Ondanks alle beperkende voorwaarden werd het een topkamp. Stijlrijk, die Kurzudian (BT Mechelen). Compact, snel, beweeglijk en doeltreffend. Firimoni verkocht zijn huid duur, maar net als bij een eerdere ontmoeting trok hij ook nu aan het kortste eind. Veertien op veertien voor de Maneblusser. Een uitzonderlijk talent om te koesteren en met de nodige zorg en ondersteuning te begeleiden naar hogere regionen.

 

 

 

 

Dames

Over naar de seniores, boksers en boksters vanaf negentien jaar, maar in tegenstelling tot het betere gezelschapsspel liefst niet tot honderd of meer. Dames eerst. Geen tegenstand maar wel nationale titels voor Rania Ait Ouabach (-51kg, Buena Vista), Amy Naert (-54kg, Deco BT) en Sarah Jamart (-69kg, Gants d’Or) op basis van eerdere prestaties tijdens hun respectievelijke  ligakampioenschappen. Vier Brusselse dames moesten wel de ring in. Twee keer kwam de boksacademie van Sanae Jah zegevierend uit een spannende strijd. Eerst met Bianca Ciccarelli (-57kg), die nipt maar unaniem een fel opzittende Louise Dugeny wist af te houden. Daarna met Canan Tura, die in een finale at catchweight ergens tussen licht en welter (-60/-64kg) ook al zonder veel overschot maar eveneens unaniem Mayssen Lambot (Esquive Ixelloise) versloeg.

 

 

 

 

 

 

Heren

 

En dan nog de heren. Licht beginnen met de bantams (-56kg). Kevin Van Laer (BC Meerhout), begaafd technicus, liet zich al in de eerste ronde verrassen door een rechtse swing van Sayedajid Sharifi (Cocktail Liège) en herstelde daar niet meer van. Wel nog een degelijke tweede ronde neergezet, maar de nederlaag ontlopen kon Van Laer niet.

Sharifi, een jongen met een hart zo groot als Kaboel, volgens zijn trainer Albert Syben. En dat zowel binnen als buiten de ring.

 

 

 

In het lichtgewicht (-60kg) stonden Liridon Fazliu (Flandria Oostende) en Jérôme Close (Amay BC) tegenover elkaar in de eindstrijd. Beiden konden rekenen op een grote schare luidruchtige supporters. Met toeters en bellen. De Galveston veranderde in een heksenketel. Een geweldige sfeer. Fazliu koos voor de aanval, Close counterde. Drie ronden lang gaven ze alles wat ze in zich hadden en op het eind was het Close, drie rechters tegen twee, die het verdiend haalde. Begrijpelijke ontgoocheling bij Fazliu en zijn supporters. Zo dicht bij en dan toch weer zo ver weg. Maar hij maakte geen misbaar en feliciteerde sportief zijn tegenstander. Zijn supporters zagen hoe hun held reageerde en in mum van tijd keerde de rust terug in de zaal. Ooit was er een voorzitter die Fazliu hiervoor de trofee voor fair play zou geschonken hebben.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lichtwelter Abdelkarim Saboundji (-64kg, BC Asse) zorgde dan weer voor de artistiek meest verantwoorde vertoning. Als een vlinder danste hij drie ronden lang stekend als een bij ongrijpbaar om Riccardo Anzalone (Buena Vista) heen. Anzalone had de verdienste dat hij bleef proberen, maar kreeg Saboundji niet te pakken.

 

 

 

 

BC Asse maakte zich al op voor een dubbele triomf. Niet zonder reden, want met Mohamed Rachem hadden ze de gedoodverfde favoriet voor de titel bij de welters

(-69kg) in hun rangen. Tegenstander was net als in de finale van 2018 Albert Pegba Bikoko (BC Manson). Rachem pakte toen de titel. Maar dat was voor een man van zijn klasse vreemd genoeg nog maar de eerste nationale kroon op een totaal van vier finales. En alsof de duivel er mee gemoeid was, liep het ook deze keer verkeerd af. Rachem trok van bij de openingsgong in de aanval, Pegba Bikoko beet scherp van zich af. De eerste ronde was nog geen twee minuten oud, toen hoofden botsten en Rachem er een slechtgeplaatste diepe snee boven het rechteroog aan overhield. De dokter inspecteerde, scheidsrechter Abdel Amiziane maakte terecht een einde aan de kamp. Pegba Bikoko kampioen. Rachem en BK-finales, niet meteen een geslaagd huwelijk.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ook Untouchable BG had twee ijzers in het vuur. In het middengewicht (-75kg) bracht trainer Arash Warasy Atash Dinizada in de strijd. Dinizada mag dan weliswaar niet helemaal onaantastbaar zijn, hij is in elk geval bijzonder moeilijk te raken. Dat mocht ook Adrien Dahin (BC Mons) ondervinden. Drie ronden lang liep hij manmoedig achter de feiten en regelmatig ook tegen de handschoenen van Dinizada aan. Dinizada, een meester in de misleiding, won unaniem op punten.

Zijn stalgenoot Justin Ali (-81kg) redde het echter niet. Hij startte wel behoorlijk, maar diende al snel zijn meerdere te erkennen in Ziad El Mohor (12 Rounds Promotion). Een mooi afgelijnd, degelijk geschoold bokser, El Mohor. In de slotronde zat Ali er conditioneel door en kreeg hij van ref Hayachi Sennouni nog een openbare waarschuwing voor veelvuldig afklemmen.

Van het halfzwaar naar het superzwaar (+91kg). Ruben Nazaryan (Box Company Genk) bestookte drie ronden lang de grotere maar minder ervaren Abdelsamad Bourkha (Modern BC) van kort bij en won op punten. Toch nog even in herinnering brengen dat Nazaryan zich in 2016 ei zo na plaatste voor de Olympische Spelen in Rio. Op het Europese kwalificatietornooi in Sansun was toen alleen de Turkse thuisbokser Ali Eran Demirezen er te veel aan.

 

Toppers

 

Laat het nu net die Olympische droom zijn die de beste Belgische boksers weghield van het BK. De weg naar Tokio loopt nu eenmaal niet altijd langs Gent. Aan de kant van de Franstalige boksliga ontbraken er maar liefst vier. Antonio D’Urbano (-60kg), Ibrahima Diallo (-64kg), Nabil Massaoudi (-69) en Lancelot Proton de la Chappelle (-75kg) hadden deelgenomen aan het Europees kampioenschap U22 in het Russische Vladikavkaz en konden zo hun kans niet gaan in het BK. Aan Vlaamse zijde was bantam Vasile Usturoi

(-56) er niet bij, maar die herstelt nog van een handblessure en had sowieso nog niet kunnen deelnemen. De grote afwezige hier was zwaargewicht Victor Schelstraete

(-91kg), Gentenaar en lid van de Golden Gloves. Terwijl er bij wijze van spreken in zijn achtertuin om de nationale titels geknokt werd, timmerde Schelstraete aan de Olympische weg in Albanië, Frankrijk) en Servië. In Shkoder pakte hij goud in de Memorial Vllaznia (4-8/04) en in Les Ceintures in Argenteuil nabij Parijs won hij de gordel bij de zwaargewichten. Op de 57ste editie van de Memorijal Branko Pesic in Belgrado (15-21/04) botste Schelstraete al in de eerste ronde op de latere winnaar Serhii Horskov uit Oekraïne. Het werd een verdienstelijke nederlaag, vier stemmen tegen één.

Met een vier op vijf werden de doelen die VBL-coach Hubert Firens voor aanvang van dit drieluik gesteld had, gehaald: wedstrijdritme opdoen, leren omgaan met een snelle opeenvolging van kampen en decompressie na een overwinning vermijden. Dit alles ter voorbereiding van de eerste belangrijke afspraak van het seizoen: de 2de  Europese Spelen in Minsk (21-30/06). Met wat geluk bij de loting moet een top-8 plaats mogelijk zijn.

Intussen hebben de Liga’s ingezien dat de beste boksers moeten kunnen deelnemen aan het BK. Dat kan het product alleen maar ten goede komen. 2020 wordt sowieso een eivol jaar met verscheidene Olympische kwalificatietornooien op de kalender en daarom worden nu al plannen gesmeed om de eliteboksers nog voor het einde van 2019 opnieuw te laten strijden om de nationale titels. Twee keer Belgische amateurkampioenschappen in een en hetzelfde jaar. Een première om nu al naar uit te kijken.

 

 

Foto’s: Francis Hendricks

Tekst: Alain Van Driessche

VBL redactie

“Verenigd voor een sterker bokslandschap”